Kunst of kitsch? | Ko van Dijk Vertelt

Kunst of kitsch?

bordjes

Midden in de jaren zeventig overleed een oom van mijn moeder. De man was in de negentig geworden, had altijd zuinig geleefd en liet een klein vermogen na. Hij stierf kinderloos. In zijn testament had hij bepaald dat zijn geld en bezittingen onder zijn neven en nichten verdeeld moesten worden: totaal 27 erfgenamen. Dat was een lastige opgave want een groot deel van de erfenis bestond uit antiek. De notaris besloot al het antiek te laten taxeren en vervolgens te verkopen. De opbrengst zou dan verdeeld worden. De meeste neven en nichten gingen ongezien met dat voorstel akkoord behalve mijn ouders. Ze hadden interesse in enkele familiestukken. Afgesproken werd dat ze die tegen de taxatiewaarde zouden kopen.

In de verlaten villa van mijn oudoom aangekomen bleek het familie antiek minder interessant dan gedacht. De notaris wees echter op een stapeltje Chinese bordjes. Mijn oudoom verzamelde die en had er ongetwijfeld verstand van gehad. Hoewel niet het doel van hun komst vonden mijn ouders de bordjes wel bijzonder. Maar wat zouden ze waard zijn? De notaris had geen idee maar was bereid de bordjes mee te geven. Mijn vader moest ze dan maar laten taxeren en dan het geld overmaken. En zo geschiedde. Ergens in de buurt van Groningen werd een porselein expert gevonden. De man was verrast. Prachtig en inderdaad waardevol was zijn conclusie. Hij taxeerde de 14 bordjes op gemiddeld 250 gulden per stuk. Mijn ouders maakte het geld over aan de notaris en lieten de bordjes verzekeren voor het getaxeerde bedrag.

De mooiste bordjes werden uitgestald in de vitrinekast. Vier bordjes hingen mijn ouders op in de hal. Dat was een onverstandige keuze. Enkele dagen later kwam de woninginrichter de bovenetage stofferen. Hij lette niet op toen hij met de rol tapijt de trap op wilde lopen. Pats, daar lagen de bordjes aan stukken op de vloer van de hal. Gelukkig waren de bordjes getaxeerd en de stoffeerder verzekerd. De man stamelde duizend maal excuses en regelde snel de schade met zijn verzekering. Toch waren mijn ouders zeer teleurgesteld. De schade was vergoed maar antiek wordt elk jaar meer waard en de expert had gewezen op de zeldzaamheid.

Er bleven dus tien antieke bordjes over. Daar ging het lange tijd goed mee tot mijn moeder het mooiste bordje voorzichtig uit de kast haalde. Op dat moment sprong de kat tegen haar benen aan. Van schrik liet mijn moeder dit bordje uit haar handen vallen. Na aftrek van het eigen risico kwam de verzekering met 100 gulden over de brug. Het bordje werd door mijn vader zo goed en zo kwaad als dat ging gelijmd. Per slot was het zeldzaam en soms brengen schreven geld én geluk op, zo moet hij hebben gedacht.

Mijn ouders waren modern ingericht en bezaten weinig huisraad van waarde. De enige uitzonderingen waren de antieke bordjes, twee schilderijen en een hangklok. Mijn vader was inmiddels dood toen mijn moeder te horen kreeg dat ze ongeneeslijk ziek was en opgenomen moest worden in een verpleegtehuis. Ze drukte me op ’t hart om alvast de bordjes en de hangklok uit haar huis te halen. Je weet immers nooit of er ingebroken wordt. Ik pakte de bordjes en de hangklok voorzichtig in en nam ze mee naar huis. De hangklok vond ik een oerlelijk ding. Daarentegen koesterde ik de Chinese bordjes. Het was bijna dertig jaar geleden dat ze per stuk op 250 gulden waren getaxeerd. Nu zouden ze ongetwijfeld het dubbele of meer opbrengen.

Nadat mijn moeder was overleden haalde ik de rest uit haar huis. Ik kwam toch nog wat aardige spulletjes tegen. Oud serviesgoed, ouderwets bestek, sieraden en enkele achteloos opgeborgen pentekeningen. Als je ouders pas zijn overleden hecht je waarde aan dat soort dingen maar na verloop van tijd wordt dat minder. Op een gegeven moment besloot ik mijn geluk maar eens op Marktplaats te beproeven. Daar kreeg ik geen spijt van. De door mij waardeloos geachte spulletjes brachten veel meer op dan ik ooit had verwacht. De klapper was een setje ansichtkaarten van Han van Meekeren waar ik al eerder een column over schreef. Ook de pentekeningen gingen vlot van de hand voor mooie bedragen.

Ik begon lol in het handelen te krijgen en zag dat oud speelgoed en prentenboeken uit mijn jeugd ook geld op konden leveren. Opnieuw had ik mazzel. Vrijwel alles dat ik op Marktplaats te koop aanbood werd verkocht. Mijn “handelsvoorraad” begon op te raken. Ik keek eens naar de doos met kostbare Chinese bordjes. Ze stonden boven op een kast. Daar had ik ze destijds neergezet en nooit uitgepakt. Ik zag de bordjes als een soort verzekering voor slechte tijden. Verkopen of veilen kon altijd nog. Datzelfde gold voor de hangklok waar ik inmiddels gehecht aan was geraakt. Maar toen ik weer eens naar Kunst en Kitsch zat te kijken en zag dat een eenvoudig blauw Chinees bordje een vermogen waard was, vond ik de tijd aangebroken om mijn bordjes in de verkoop te doen.

Ik stapte naar een veilinghuis bij mij om de hoek. Een expert bekeek mijn “kostbaarheden”. Schudde het hoofd en zei dat het weinig waard was. Nu zegt me dat niet zoveel want zo verging het me ook met de kaarten van Han van Meegeren. Ik wees de veilingmeester op een oud taxatierapport en vertelde hem er nog bij dat een eenvoudig blauw bordje een vermogen op kan brengen terwijl mijn bordjes nota bene gekleurd waren. De man keek me over zijn halve brilletje nijdig aan. Wie twijfelde aan zijn deskundigheid kon het pand maar beter snel verlaten.

Thuis gekomen begon mijn zoektocht naar de waarde van de bordjes op het Internet. Aan de hand van de inscripties kwam ik er achter dat mijn bordjes in ieder geval echt antiek waren. Sommige zelfs meer dan 200 jaar oud. Dat gaf me hoop. Intussen fantaseerde ik over wat ik met het geld dat mijn schat zou opbrengen ging doen. Mijn huis opknappen, nieuwe bandjes onder mijn auto, wellicht een weekje vakantie houden en zo meer. Ik rekende me dus rijk nog voor één bordje verkocht was. Wat me wel opviel was het enorme aanbod van Chinees porselein op de veilingsites. De prijzen liepen uiteen van enkele euro’s tot een paar tientjes, echte uitschieters zaten er niet bij. Logisch, want iemand die echt mooi antiek zoals ik bezit gaat daarmee naar een antiquair of veilinghuis.

Ik vond een specialist in Chinees porselein. De man is ook één van de deskundigen van het programma tussen Kunst en Kitsch. Dat gaf vertrouwen. Ik belde hem op en vertelde hem over de taxatie van welleer. Hij was onmiddellijk geïnteresseerd en vroeg of ik hem foto’s kon sturen. Dat deed ik. Binnen enkele minuten belde hij me terug. Mijn hart bonkte van de spanning in mijn keel, hij was het die nog onlangs de eigenaar van een Chinees bordje in het programma tussen Kunst en Kitsch adviseerde het voor een astronomisch bedrag te verzekeren. Helaas, voor mij had de expert minder goed nieuws. Mijn bordjes waren hooguit vier tientjes per stuk waard. Ouderdom zegt bij Chinees porselein niets, het gaat om de makers. Bovendien is gekleurd porselein veel minder waard dan blauw.

Na die teleurstellende mededeling heb ik de bordjes toch maar op Marktplaats en Ebay gezet. Niemand reageerde. We zijn vier jaar verder. De bordjes staan nog altijd bij mij op de kast. Er ligt een laagje stof op. Ik vrees dat het laagje een dikke laag gaat worden.

© Ko van Dijk. Geheel of gedeeltelijke overname van de columns is niet toegestaan.

2 reacties

  1. 1
    Luna 3 zegt:

    Dat verhaal van je klok kan ik me nog wel herinneren ja. Dit was een spannend stuk….met anti climax op het einde… pwah pwah pwah. ;)

  2. 2
    Joost zegt:

    Ga eens stoffen zou ik zeggen, dat wil nog wel eens helpen tegen stoflaagjes. :P

RSS Feed for this entry