
Pas op, Ko heeft weer eens een “zuur”stuk geschreven over onze toekomst. Het lezen daarvan is geheel voor eigen risico. Je gemoedstoestand in het verleden is geen garantie voor het heden of de toekomst.
Het zou van weinig realiteitszin getuigen om te verklaren dat het Internet eerder een ramp dan een zege voor de mensheid is. De digitale snelweg heeft ons virtueel dichter bij elkaar gebracht. Dankzij het Internet heeft iedereen toegang tot een schat aan kennis en informatie. Daar profiteren we allemaal van. Minstens zo belangrijk de vele webloggers die misstanden publiceren die anders verborgen zouden blijven. Natuurlijk wordt er ook een hoop onzin verkondigd maar dat deden de gevestigde media voor het Internettijdperk ook. Zouden we voor wat betreft de nieuwsvoorziening een balans opmaken dan kunnen we concluderen dat het Internet een enorme vooruitgaan is ten opzichte van het verleden. Maar dat er gaandeweg complete industrietakken overbodig worden en de werkgelegenheid op de tocht staat is een negatieve kant aan het Internet dat nog maar weinig wordt belicht.
De boekhandel verkeert in de uitzonderingspositie dat ze gehouden zijn aan vastgestelde verkoopprijzen en het voordeel genieten van een laag BTW-tarief. Dat komt nog voort uit de opvatting dat literatuur niet verloren mag gaan. Laat je de prijzen en winstmarges door de handel zelf bepalen dan zou een groot deel van de schrijvers niet meer in de schappen te vinden zijn. De handel pakt in dat geval alleen op waar het meeste geld mee verdiend kan worden. Kleine oplages zijn voor uitgevers niet meer interessant. Met een fatsoenlijke winstmarge kunnen risico’s worden genomen en krijgen debutanten een kans. Prima. Maar werkt dat ook zo in de praktijk? Dat is moeilijk te zeggen. Nederland telt 17 miljoen betere voetbaltrainers dan laten we zeggen Louis van Gaal en 17 miljoen betere schrijvers dan Giphart, Van der Heijden of Mulisch. Het is dus begrijpelijk dat niet iedereen in staat kan worden gesteld zijn of haar talenten te bewijzen. Er vallen altijd mensen buiten de boot die wellicht een groot talent zijn.
Een kenterring is op komst: de digitale uitgeverij. Je hebt geen drukkerij, opslag en distributiekanalen meer nodig. Met het e-book kan iedereen zijn eigen uitgever worden. De boekenbranche ziet de bui hangen en verwacht eenzelfde lot als de muziekindustrie. Dus verzint men allerlei maatregelen om het kopiëren en verspreiden van het e-book onmogelijk te maken. Het zal vechten tegen de spreekwoordelijke bierkaai zijn. Het is niet enkel de consument die altijd wel iets weet te verzinnen om beveiligingen te omzeilen, ook de auteurs zullen middelen bedenken om hun uitgever in de wielen te rijden. Want ondanks die prachtige vastgestelde prijzen en winstmarges verdienen auteurs een grijpstijver. Ze krijgen gemiddeld 10% van de bruto verkoopprijs. Denk je eens in wat dat betekent. Verkoop je 2500 boeken dan verdien je als schrijver bij een verkoopprijs van 17,95 ongeveer 4500,- Niet veel meer dan een gemiddeld modaal maandinkomen. Het schrijven van een boek heeft je ondertussen een half jaar of meer tijd gekost. Alleen de schrijvers van naam kunnen van de schrijfkunst leven.
Welnu, stel je verkoopt als schrijver je e-book rechtsreeks via je eigen weblog voor laten we zeggen 5 tot 7 euro en je haalt ook 2500 stuks dan heb je een heel redelijk salaris. Dat de downloaders je boek kopiëren en verder verspreiden hoeft geen ramp te zijn. Hoe meer mensen je lezen hoe beter je naamsbekendheid wordt. Vergeet niet dat in de huidige situatie de boeken via bibliotheken worden uitgeleend en dat mensen elkaar boeken lenen of je boek tweedehands op Marktplaats verkopen. Daar krijg je als schrijver geen fee van.
Muzikanten hebben al ontdekt dat ze beter zelf kunnen produceren. De technische vooruitgang maakt dit mogelijk. Promotie doe je via digitale kanalen zoals YouTube, sociale media en je eigen website. Je hebt er geen dure platenmaatschappij voor nodig om toch beroemd te kunnen worden. Dat was vroeger wel anders. De gevestigde muziekindustrie heeft haar langste tijd gehad. Deels is dat ook haar eigen schuld. Er werden enorme winsten gemaakt waarvan de artiest maar een klein gedeelte kreeg. Die artiest trekt nu aan het langste eind. Allemaal de schuld van het Internet? Ja, zondermeer.
Het lijkt op het eerste gezicht gerechtigheid voor al die creatieve mensen die door de industrie vele jaren zijn uitgebuit. Ook de consument profiteert van de veranderingen in de markt want boeken en Cd’s worden goedkoper. De Cd is sowieso bijna verleden tijd nu we onze muziekjes ’t liefst opslaan op onze mobieltjes en digitale media. Boeken gaan dezelfde kant op. Het spaart je ruimte en gesjouw. Allemaal mooi en prachtig maar hoe groter het aanbod wordt des te meer versnippering. Je kunt tegen de industrie met gemengde gevoelens aankijken, er was wel sprake van een selectieproces. De artiesten en schrijvers die doorbraken konden uiteindelijk goed van hun werkzaamheden leven. Straks kan niemand dat meer.
Ik ga nog even verder. Het Internet heeft de doe-het-zelf-mentaliteit flink aangewakkerd. Voor veel zaken hoeven we de deur niet meer uit. Een verzekering afsluiten doe je online. Vroeger nam je daarvoor kontact op met een assurantiekantoor. De consulent gaf je een deskundig advies en vulde de papieren voor je in. Dat doen we nu zelf, via het Internet. De verzekeringsadviseur is een uitstervend beroep. Het ouderwetse reisbureau is dat eveneens. Een reisje boeken doe je vanachter je computer. Daarmee gaat nog wel eens wat mis maar dat ging het vroeger ook.
Vorige week had ik een gesprekje met een notaris. Hij gaf me een kijkje in zijn wereld en die van de makelaars. Het gaat niet goed met zijn branche. Het is nog maar een kwestie van tijd of we regelen de aankoop en verkoop van huizen zelf vanachter onze computers. Makelaars en notarissen hebben we in de toekomst slechts in uitzonderlijke gevallen nog nodig. Je testament regelen is nu al digitaal mogelijk. Mijn gesprek met deze notaris ging over de landelijke dekking voor zijn digitale diensten.
Dankzij het Internet vielen de eerste klappen in de autobranche. Aan een nieuwe auto verdient de autodealer vrijwel niets. Hij moet het van de werkplaats en van de inruil hebben. Die inruil was een belangrijke handel. Maar de consument verkoopt zijn oude (inruil)auto nu via het Internet. Het Internet heeft de grenzen geslecht. Met één muisklik kunnen we de beste deal maken. Desnoods gaan we naar een dealer in het buitenland. Het gevolg daarvan is dat veel autobedrijven gedwongen werden te saneren of moesten besluiten te stoppen. Dat lijkt geen probleem tot de consument merkt dat het steeds moeilijker zal worden om in zijn eigen omgeving een merkspecialist te vinden. En dat is helaas noodzakelijk omdat je aan een moderne auto niet zelf kunt sleutelen.
De kranten en bladen schreeuwen om hulp. Het gaat slecht. Journalisten en fotografen worden bij bosjes ontslagen. Nog niet zolang geleden werd een journalist goed betaald. Ook de persfotografen hadden niet te klagen. Maar nu iedereen een technisch perfecte foto maken kan kiezen radacties voor de goedkopere amateurs. Duizenden webloggers bieden hun content en nieuwsgaring gratis aan. De kranten maken er dankbaar gebruik van. De vakman en vakvrouw staan op straat. Ik zie oud collega’s van naam nu voor een tientje of minder per uur werken daar waar ze vroeger met gemak 300 – 700 euro per dag konden verdienen.
Ik zou nog even verder kunnen gaan want ik zie dat het Internet vele vakmensen en complete industrieën brodeloos maakt. Het is schijn om te veronderstellen dat de consument hiervan profiteert. Diezelfde consument heeft ook baan. Met zijn maandinkomen kan hij bestedingen doen. Zonder het nu te beseffen staat wellicht zijn baan in de toekomst ook op de tocht want de opmars van digitale dienstverlening is niet meer te stuiten.
In het begin van de jaren 80 werd er gewaarschuwd voor de automatisering. Dat zou vele banen kosten. Het was de verwachting dat het papierloze kantoor binnen enkele jaren gemeengoed zou zijn. Die voorspelling kwam toen niet uit. De automatisering zorgde voor een compleet nieuwe bedrijfstak. In tegenstelling tot waar men bang voor was werd er meer papier gebruikt dan ooit tevoren. Dat kwam door de komst van de kopieermachine en de printer. De automatisering gaf ook nog zoveel onverwachte problemen zodat je nauwelijks van tijdswinst kon spreken. Wel konden dankzij de computer productieprocessen nauwkeuriger gestroomlijnd worden en nieuwe vindingen worden toegepast. Uiteindelijk zat de winst in een betere kwaliteit, een goedkoper product en dus een grotere afzetmarkt.
Het ziet er echter naar uit dat de automatisering door het Internet zich nu pas tegen ons keert. Complete beroepsgroepen sterven uit. De verzekeringsagent, de muziekverkoper, de boekhandelaar, de tweedehandsautoverkoper, de boekdrukker, de reizenverkoper, de persfotograaf en de echte journalist zijn de eerste slachtoffers maar er volgen er nog veel meer. Want ook de mensen die afhankelijk zijn van deze beroepsbeoefenaars moeten op zoek naar een andere baan. Je krijgt een kettingreactie. Het verlies van deze mensen met hun kennis en schat aan ervaring compenseren we gedeeltelijk door de kennis die gratis op het Internet verkrijgbaar is. Maar er zit een groot verschil tussen de specialist die dagelijks met de materie in de weer is en de doe-het-zelver. Het lijkt zo aantrekkelijk en een kostenbesparing om alles zelf te doen. De tijd zal ons leren of dat werkelijk zo is.
Gelukkig zijn er nog enkele beroepen die niet te digitaliseren zijn. De tegelzetter, metselaar, loodgieter en tandarts bijvoorbeeld. Advocaten en rechters zullen het zelfs drukker krijgen met al die ontslagen. Ondertussen communiceren we nog uitsluitend digitaal met oneliners via de sociale media. Vriendschappen noemen we dat. Ik noem het digitale armoede waarvoor we vroeg of laat de rekening gepresenteerd krijgen.
Ondernemers met gebrek aan creativiteit of een verkeerde focus zullen inderdaad ten ondergaan door internet. De anderen weten internet in te zetten om nog succesvoller zaken te doen.
@Joost, de beste stuurlui staan altijd aan wal. Het gaat in mijn verhaal niet alleen om ondernemers maar ook om werknemers.
@Ko, op een heleboel punten ben ik het met je eens. Ikzelf kom uit de verzekeringsbranche en inderdaad de aloude adviseur is steeds minder nodig. Via internet zoek je de goedkoopste verzekering op en klaar is de jas, totdat er schade ontstaat. Dan kan de “doehetzelver” zelf het gevecht aan om de schade betaald te krijgen, daarvoor is kennis van zaken nodig en die heeft men simpelweg niet. Kortom, “goedkoop kan dan duurkoop worden” en zolang het om een deukje gaat is het te overzien, maar zodra het om grotere zaken gaat kan je in een klap voor de rest van je leven de winst kwijt zijn (als het daarbij blijft).
Aan de andere kant zie je toch ook weer de voordelen. Een kennis heeft net een nieuwe printer gekocht en tussen de ene leverancier en de andere liep het prijsverschil op tot (lach niet) 40%!!!!!
Datzelfde geldt eigenlijk ook voor werknemers Ko. Ook die kunnen internet gebruiken om te zorgen dat er brood op de plank blijft.
@Hans, ook ik kijk waar ik het goedkoopste iets kopen kan op Internet. Dat lijkt een groot voordeel maar je geeft ook de nadelen aan. Ik noemde auto’s als voorbeeld maar het geldt voor veel meer artikelen en absoluut voor bv verzekeringen. Hoe minder winst de leverancier maakt hoe slechter zijn service want niemand kan van de wind leven. Goedkoop is dikwijls duurkoop.
@Joost, het is een lastige discussie. Je kunt bijvoorbeeld stellen dat werknemers sneller een andere baan vinden of zich beter kunnen oriënteren op beloningen. Ook een banen in het buitenland zijn nu makkelijker te vinden. Dus je wereld is groter geworden dankzij het Internet. Allemaal waar tot je merkt dat er geen behoefte meer is aan jouw kennis en specialiteit.
@Ko,
Dan zul je van kennis of specialiteit moeten veranderen, of aanpassen. Nu teren op iets wat je al 20 jaar doet is niet meer aan de orde in deze tijd. Flexibele mensen hebben geen beperkingen wat dat betreft.
@Joost, wat jij stelt is een modeverhaaltje van enkele jaren geleden. Ik zie mijzelf niet zo maar veranderen van assurantieagent in belastingconsulent. Evenmin zie ik een timmerman van de ene op de andere dag veranderen in touringcarchauffeur. Voor de meeste beroepen is nu eenmaal een opleiding nodig, muv straatveger, belader enz.
niet alleen dat: je moet gevoel/talent/plezier hebben in wat je doet.
De vraag: wat wil je later worden is moeilijk te beantwoorden als je weet, dat wat je wilt over 20 jaar niet meer bestaat. Waar moet je dan nog voor opleiden?
Wat in ieder geval ook over de kop aan het gaan is, is de antiek- en 2e handshandel. Jongeren verzamelen niet meer, oude spullen zijn niet gewild, de meubels komen van IKEA en het geld, dat maar één keer kan worden uitgegeven, gaat op aan electronica en kleding. mensen die tweedehands iets willen kopen doen dat via ebay/marktplaats en de talloze andere verkoop/advertentie sites, vanaf de zitbank met een glaasje en een hapje erbij. Maar dat komt niet alleen door Internet: Ook de absurd hoge parkeertarieven doen mensen besluiten niet meer naar de stad te gaan met de auto. De schade die de middenstand daarvan ondervindt is niet te berekeken
Wat ook al een tijdlang aan het afnemen is: het sociale verkeer op straat en het straatleven. OP straat gebeurt steeds minder. Mensne stappen van hun huis in de auto en van de auto naar de deur van huin bestemming. Sociale contacten, zoals dhr van Dijk zegt, gaan steeds meer via het internet.
En we zijn feitelijk nog maar aan het begin van de ontwikkeling, die exponentieel groeit.
Joost heeft wel heel makkelijk praten. Dus het is opeens heel normaal geworden dat je over tien jaar van beroep moet veranderen? Waar staat dat geschreven? In welke nieuwe wet?
Onzekerheid is onzekerheid. ontslag is ontslag. Een faillissement is een faillissement. Dan kun je wel het vermanende vingertje heffen: het probleem wordt er niet minder door.
Of kan Joost misschien vooraf zeggen, welk beroep over twintig jaar verdwenen is en welke nieuwe beroepen erbij komen? Het is wat moeilijk je voor te bereiden als je geen idee hebt waarop en de zekerheid dat het toch masar voor een paar jaar is.
ik kom hier trouwens zomaar binnenvallen zonder te groeten. Bij deze:
Een goedemiddag samen.