Bij Billy Paul lag het accent in de eerste plaats op performing. Het maken van platen was voor hem van ondergeschikt belang. Billy trad op met de grote namen uit de jazzmuziek zoals Charlie Parker en Miles Davis. Maar werkte ook samen met Dinah Washington, Nina Simone, The Impressions, Sammy Davis, Jr. en Roberta Flack. Billy Paul had de Granoff School of Music gedaan. Hij kreeg les van Dizzy Gillespie, Sonny Fortune en John Coltrane. Niet de eerste de beste namen uit de muziekgeschiedenis. We mogen Billy Paul gerust een van de beter geschoolde soulzangers van de jaren 70 noemen. Zijn wereldwijde doorbraak heeft hij te danken aan Kenneth Gamble en Leon A. Huff. Die schreven de hit “Me and Mrs Jones” een rustig nummer dat ogenschijnlijk niets met disco te maken heeft. Maar dankzij het succes van Billy Paul werd Philadelphia International Records een begrip.
Het songwriters duo Kenneth Gamble en Leon A. Huff werkten voor het befaamde Atlantic label (Aretha Flanklin, Archie Bell & the Drells, Wilson Pickett, Dusty Springfield, en The Sweet Inspirations.) In 1971 besloten ze een eigen label te starten: Philadelphia International. Het was hun antwoord op het gigantische succes van Berry Gordy en Motown. Atlantic zag niets in de plannen van Gamble en Huff. Te duur oordeelde Atlantic want Gamble en Huff hadden besloten de werkwijze van Motown te kopiëren. Dat betekende de bouw van een grote studio en een vast orkest met de beste sessiemuzikanten. CBS zag wel iets in de ambities van de jonge Gamble en Huff en financierde het project. Dat was een verstandige keuze.
Philadelphia International scoorde haar eerste hit in 1971 met The O’Jays (Back Stappers) en eind 1972 een megasucces met Billy Paul “Me and Mrs Jones.” Binnen drie weken verkocht Billy Paul 2 miljoen singles en stond hij nummer één in de Bilboard. Motown had een vast orkest dat in feite verantwoordelijk voor alle grote hits was. Maar Berry Gordy betaalde zijn musici slecht en weigerde hun credits te geven. Begin 1973 besloten Gamble en Huff tot het tegenovergestelde. MFSB werd hun in-house orkest genoemd. TSOP, (The Sound of Philadelphia) werd hun eerste nummer 1 hit. Daarna ging het hard. The O’Jays, Lou Rawls, The Three Degrees, The Trammps, Harold Melvin & the Blue Notes en Patti LaBelle scoorden samen met MFSB hit na hit. Philadelphia International, inmiddels omgedoopt tot TSOP, was in 1975 groter en succesvoller dan Motown waarop The Jacksons in 1976 besloten Motown te verlaten en toe te treden tot TSOP. Het bracht The Jacksons hun eerste platina hit op: Enjoy Yourself.
Kenneth Gamble en Leon A. Huff hebben muziekgeschiedenis geschreven. Hun sound wordt algemeen gezien als het begin van het discotijdperk. In 1982 was de meest succesvolle artiest uit hun stal Teddy Pendergrass die ze hadden overgenomen van het befaamde Blue Note label. Pendergrasss was gelijk Billy Paul een jazzvocalist met een klassieke opleiding en de leadsinger van Harold Melvin & the Blue Notes. Pendergrasss kreeg in 1982 een ernstig auto-ongeluk. Het zag er naar uit dat Pendergrasss nooit meer zou kunnen optreden. Het label kwam in gevaar. Kenneth en Huff namen het zekere voor het onzekere, verbraken de band met CBS en maakten een nieuwe deal met EMI.
In een interview verklaarde Kenneth Gamble later dat “Me and Mrs Jones” geschreven voor Billy Paul, de basis heeft gelegd voor de latere successen. Totaal schreven Kenneth Gamble en Leon A. Huff ruim 3000 songs die goed waren voor 170 gouden en platina platen plus een Grammy voor Me and Mrs Jones en een Grammy voor If You Don’t Know Me By Now in de coveruitvoering van Simply Red.
Billy Paul (75) woont in Londen en treedt nog regelmatig op met zijn eigen band. Erg stemvast is de bejaarde soulzanger niet meer zoals we kunnen horen op bovenstaande video (juni 2009) Een show maken kan hij nog wel. Me and Mrs Jones was zijn enige hit. Daarnaast werd hij vooral bekend door covers. Zijn uptempo uitvoering van Your Song (Elton John) zal bij middelbare discogangers nostalgische gevoelens oproepen. Let vooral op het middenstuk. Ik wilde je deze legende niet onthouden.
Bronnen: diverse bio’s en Wikipedia.
Leuk, deze column! Ook ik heb een zwak voor Billy Paul, te danken aan de LP ’360 degrees of Billy Paul’. Uit de hoestekst wordt wel duidelijk dat hij een zwaar gepromote, zelfs wat over het paard getilde artiest is uit deze stal: geen normale ‘star’ maar een heuse ‘superstar’.
Maar een mooi en markant, wat hees stemgeluid en dat valt op in deze soul-scene, zoals ook Bill Withers en Barry White opvallen met hun stemgeluid.
Op de video herken ik het originele stemgeluid van Billy terug: steeds een tikje te hoog intonerend. En voor een 75-jarige zingt hij toch betrekkelijk soepel. Volgens mij zong hij 10 jaar geleden net zo.
Zou jij niet met 75 op een podium willen staan en plezier maken?
@Hannes, er is nog een video van enige maanden geleden waarop Billy beter zingt maar de kwaliteit van het beeld is
slecht. Natuurlijk zou ik als 75-jarige nog plezier willen maken en op het toneel willen staan.