Het Rijbewijs

rijbewijs

Zodra je de leeftijd hebt bereikt dat onze wetgever van mening is dat we een auto kunnen besturen haalt men zijn rijbewijs. Hoewel de roze creditcard je een fors vermogen aan rijlessen en het examen kost, ken ik maar weinig jongeren boven de 20 jaar die geen rijbewijs bezitten. In mijn tijd was dat toch wel anders. Toen ik moest opkomen voor de dienstplicht was ik de enige. Ik kreeg dan ook gelijk een baantje aangeboden als chauffeur van de “generaal”. Zo noemde we hem. In werkelijkheid was zijn rang iets minder indrukwekkend maar dat was aan zijn stemverheffing niet merkbaar.

Dat baantje ging overigens niet door. Tien dagen na mijn aantreden in dienst van onze Vorstin, stond ik weer op straat. De “generaal” vond me ongeschikt voor de krijgsmacht. Dat was een diepe teleurstelling die ik onmiddellijk aan het Spaanse strand, in gezelschap van vier lekkere meiden, heb weggedronken. Maar dat verhaal houd je nog van me te goed.

Een dag nadat ik de 18-jarige leeftijd bereikt had begon ik met rijlessen te nemen. Sommige leeftijdgenoten hadden al rijervaring opgedaan nog voor ze een rijschool hadden bezocht. Ze hadden les van hun vader, oudere broer of iemand anders met een rijbewijs gehad. Dat kon toen nog. In zoverre, de kans dat je gepakt werd was klein. Oom agent lette meer op fietsers zonder achterlicht dan op autobestuurders. Mijn vader had geen auto en geen rijbewijs. Voor zijn werk kon hij beschikken over een dienstauto met chauffeur. De noodzaak om zijn rijbewijs te halen zag hij daarom niet in. Maar het zou handig zijn als zijn zoon dat rijbewijs wel bezat. En daarom kreeg ik de eerste 10 lessen van mijn ouders aangeboden.

Ik had dus geen enkele ervaring toen ik voor de eerste keer achter het stuur mocht kruipen en hoor de instructeur nog zeggen: “laat maar eens zien wat je al kan.” Niets dus. Hij moest me alles uitleggen. Maar ik was een snelle leerling. Na 13 lessen werd mijn rijbewijs aangevraagd. Ik slaagde in één keer voor mijn theorie. Als mijn motor niet op een druk kruispunt midden in Amsterdam was afgeslagen (waarna ik de auto niet meer zelfstandig aan de praat kreeg) dan had ik dat felbegeerde papiertje binnen drie maanden in mijn zak gehad. Op de herkansing moest ik 4 maanden wachten. Wegens een misverstand tussen mij en de rijschoolhouder, waaruit een knallende ruzie voortkwam, besloot ik geen lessen meer bij hem te nemen. Het examengeld had ik echter al betaald. Tot mijn eigen stomme verbazing slaagde ik de tweede keer zonder nog één enkele rijles genomen te hebben.

Ik was eveneens verbaasd dat de autoverhuurder mij een vrijwel nieuwe Opel meegaf toen ik hem aarzelend mijn gloednieuwe rijbewijs toonde. Het enige dat de man zei: “Het is zeker je eerste ritje? Ik zal de auto daarom maar zelf de garage voor je uitrijden..” Geen overbodige service want het was zo’n klein verhuurbedrijf in de binnenstad waar elke millimeter benut werd en stuurmanskunst noodzakelijk om geen deuken in de andere auto’s te rijden.

Voor de eerste rit had ik een bezoekje aan mijn grootvader in Baarn uitgekozen. Mijn grootvader had vele jaren in Amsterdam een autobedrijf gehad. Hij bracht me al vrij jong de liefde voor auto’s bij. Door een hartkwaal besloot hij met autorijden te stoppen en leverde zijn rijbewijs in. Dat was jammer want anders had ik van hem les gehad. Met het zweet in mijn handen reed ik naar Baarn toe. Ik zou vol trots mijn grootvader een proeve van mijn rijvaardigheid tonen maar ik wist ook dat hij streng en zeer kritisch kon zijn.

Het was zijn voorstel om mijn oom en tante in Ede op te zoeken. Mijn grootvader wist de weg. Die route bleek hij bij nader inzien toch niet zo goed te kennen. Dus kwamen we ergens op een smalle landweg uit met aan beide zijden een diepe greppel. Er moest gekeerd worden. Dat was een hels karwei voor een onervaren automobilist. Mijn grootvader zat te glimlachen om de straaltjes zweet die nu van mijn voorhoofd dropen. Na eindeloos heen en weer steken had ik de auto omgedraaid. We reden terug en kwamen bij een onbeveiligde overweg. De lichten begonnen te knipperen. Ik stopte maar stond wel op een flink hellende weg. De hellingproef was niet mijn sterkste kant. Opnieuw zat ik achter het stuur te zweten. Toen de trein voorbij was en het licht op veilig stond, wilde ik optrekken en sloeg de motor af. Mijn grootvader zei niets, ik had immers mijn rijbewijs. Met enkele mislukte pogingen, waarbij de auto steeds een stukje verder naar beneden gleed, had ik hem weer in mijn macht en konden we onze weg vervolgen.

Na het bezoek aan mijn oom en tante herinnerde mijn grootvader zich ineens weer de juiste route naar Baarn. Geen landweggetjes maar een brede snelweg. Zonder moeilijke obstakels bereikten we zijn huis. De hele rit had mijn grootvader over het autovak en de techniek van auto’s zitten praten. Met geen woord had hij iets over mijn rijstijl gezegd. Maar thuisgekomen gaf hij mij een hand en zei: “beste kleinzoon, ik zag je zweten maar gefeliciteerd. Je bent nu pas echt voor je rijbewijs geslaagd.” Ik begreep onmiddellijk wat dat betekende. Mijn grootvader had me met opzet dat landweggetje, een onbeveiligde overweg en die helling laten nemen. Hij wist donders goed dat je die niet hebt in Amsterdam.

Vrij snel daarna kocht ik mijn eerste auto. Mijn grootvader heb ik daarmee nog vele malen mogen vervoeren. Altijd gaf hij mij goede tips voor het onderhoud. Zijn brieven met tips heb ik bewaard. Hij zou het leuk hebben gevonden als ik in zijn voetsporen was getreden. Daartoe had ik ook pogingen ondernomen. Feitelijk had ik de autoschool in Driebergen willen doen. Maar dat was een dure opleiding die mijn ouders niet zagen zitten. Via een omweg heb ik later als journalist en promotor regelmatig met de autobranche te maken gekregen maar toen was mijn grootvader al dood.

Er is veel in mijn leven misgelopen alleen dat rijbewijs heeft altijd alle stormen doorstaan. Misschien heb ik daarmee geluk gehad. Zo moest ik onlangs denken aan de diefstal die geen diefstal was. Op een kwade dag open ik mijn dashboardkastje en ontdek dat zowel mijn rijbewijs als mijn kentekenbewijs verdwenen zijn. Die zaten in een nieuwe, dure portefeuille. Gestolen!! Dat kon niet anders want ik was vergeten mijn auto af te sluiten. Ik naar het politiebureau aangifte doen en daarna bij de RDW een vervangend kenteken aanvragen. Het was nog een heel gedoe maar na drie weken had ik de papieren in huis.

Er gaat minstens een half jaar overheen als ik op een dag mijn dashboardkastje open en tot mijn verbijstering ontdek dat er twee portefeuilles in liggen. Ik wrijf mijn ogen nog eens uit, knijp in mijn arm. Dit kan niet waar zijn. Welke dief bezorgt na zoveel tijd de gestolen spullen terug? Ik open de “gestolen” portefeuille en ja, alles zat er nog in. Ik pieker me suf, wie doet zoiets?

Dan krijg ik ineens een helder ogenblik… Ik leg de portefeuille terug en geef een flinke klap tegen de klep van het dashboardkastje. En zie daar… de grote verdwijntruc! Aan de bovenkant van het kastje zat een uitsparing waar een alarmunit in gebouwd kan worden. Dat alarm bezat ik niet. Door nu hard tegen het kastje te slaan wipte de portefeuille omhoog en bleef achter die uitsparing hangen. Geen diefstal dus. Ik heb vijf jaar met twee rijbewijzen rondgereden. Altijd handig als ik iets te veel gedronken zou hebben. Die twee rijbewijzen brachten me overigens niet in de verleiding om de kroegbaas extra omzet te bezorgen. Tegenwoordig heeft een tweede rijbewijs ook weinig zin. Nu tikken ze bij een aanhouding gelijk je gegevens in de computer.

Een aantal jaren daarvoor organiseer ik een beurs in de Doelen te Rotterdam. Ik zet mijn auto in de nabijgelegen parkeergarage. Het was in een tijd dat polstasjes voor heren in de mode waren. Die waren eigenlijk best handig. Je borg daarin je portefeuille, betaalcheques en je sigaretten op. Nu zou je onmiddellijk voor een homo versleten worden met zo’n tasje maar toen had zelfs mijn vader er één.

Enfin, ik stap ’s avonds mijn auto in en zie dat deze parkeergarage bevolkt wordt door dubieuze hangjongeren. Blij dat ik mij auto nog ongeschonden terugvind rijd ik naar huis. Daar kom ik tot de ontdekking dat ik mijn polstasje mis. Het schiet me te binnen dat ik dit tasje even op het dak van mijn auto had gelegd om naar mijn autosleutels te zoeken. In de haast om weg te rijden was ik mijn polstasje vergeten. Niet alleen mijn rijbewijs en kenteken zaten erin. Ook drie betaalcheques, het betaalpasje en driehonderd gulden. Ik blokkeer onmiddellijk mijn rekeningen maar ga ervan uit dat ik het tuig in de parkeergarage een goede dag heb bezorgd. Schade minstens 1.200 gulden.

Ik had goede zaken gedaan dus dat geld kon ik wel missen maar het is natuurlijk toch zonde en van mij erg dom. Ik vraag een nieuw rijbewijs en kenteken aan en neem me voor nooit meer een polstasje te dragen. Drie dagen na dit incident ligt er een kaartje in de bus van de Politie te Rotterdam. Er was een polstasje bij gevonden voorwerpen ingeleverd waarin de Politie mijn visitekaartje vond. Ik nam aan dat de inhoud van het tasje geplunderd was maar bel voor de zekerheid het bureau op. De agent zegt: “Meneer ik zou maar snel langskomen want alles zit er nog in.” Dat deed ik met plezier.

Het is al na vijf uur in de middag als ik bijna voor het politiebureau van Rotterdam word aangehouden: rijbewijs- en kentekencontrole. Beide heb ik niet want die liggen aan de overkant bij gevonden voorwerpen. De agent wil me niet geloven. “Gevonden Voorwerpen is dicht,” barst hij nors. “Niet voor mij, meneer de agent. Rijdt u maar mee.” De agent stapt ongelovig in en rijdt mee naar het bureau. Zijn collega had mijn tasje keurig bij de balie neergelegd. Ik kon de barse agent dus aantonen dat ik geen smoes verzon. De eerlijke vinder van mijn tasje had zich helaas niet bekend gemaakt. Daarmee verspeelde hij de driehonderd gulden die ik als beloning in mijn gedachte voor hem had. Evenmin is me bekend of de vinder één van de “hangjongeren” was of een toevallige passant.

Ik heb inmiddels vele auto’s versleten en minstens een miljoen of meer kilometers afgelegd. Hoewel ik een hoop narigheid langs de weg heb gezien en twee keer als door een wonder ben behoed voor een ernstige aanrijding heb ik zelf geen noemenswaardige ongelukken veroorzaakt. Het bleef bij wat parkeerschade hoofdzakelijk bij het achteruitrijden ontstaan. Zou dat aan de “masterclass” van mijn grootvader te danken zijn?

10 reacties

  1. 1
    Nètwerk zegt:

    Afgelopen week heb mijn rijbewijs laten verlengen. Omdat ik er al 7 in mijn bezit heb wilde ik de laatste graag bij de verzameling bewaren. Voordat ik een rel bij kassa maak en om een discussie te voorkomen, bel ik naar het Stadhuis, met de vraag “is dat mogelijk”. Nee, U moet het inleveren. Mijn vraag is dat nieuw dan? Nee, dat is altijd al zo geweest. Ik antwoord haar: nee, hoor ik heb 7 rijbewijzen en kan als U het wilt dat ook aantonen. Nee, dat is niet waar zegt de dame van het stadhuis. Want als U daar mee komt dan nemen wij die allemaal IN BESLAG.
    Toen schoot me dat programma van de Tros weer te binnen, dat de kwaliteit communicatie met de Gemeenten over hun producten slecht tot zeer slecht is.

    Dus een stap verder verzoek ik haar mij te vertellen, hoe zij aan die wijsheid komt.
    Staat in de wet. Ik vraag haar, mij die voor te lezen. Zij verwijst mij naar Rijksdienst Wegverkeer, waar ik eerder niets gevonden had.
    Twee uren verder nadat ik de dame op haar verantwoordelijk heb gewezen, krijg ik uiteindelijk van een of andere superieur een telefoontje. W.V 1994 Art. 119 2lid. Daar staat het. Jammer het is ingevoerd 2004 vanwege de E.U. zonder dat zij daar redenen voor hebben aangegeven.

    Ik laat mijn foto er uit knippen, want ik niets zij ook niet.

  2. 2

    @Netwerk, zeker om de handel in valse rijbewijzen tegen te gaan

  3. 3
    Nètwerk zegt:

    Dat zou zomaar kunnen, maar dan moeten ze dat anders doen. Want de handel in valse rijbewijzen, zijn zover ik weet stapels (nieuwe lege) die gejat worden en op maat/naam en wens ingevuld kunnen worden.

  4. 4
    isa zegt:

    Dit verhaal doet me glimlachen. Ik heb mijn rijbewijs gehaald op mijn 18de.

    In de voormiddag examen, vlug naar het gemeenthuis en in de namiddag samen met mijn moeder naar mijn grootouders. Mijn moeder poetste het huis van mijn grootouders en ik mocht met mijn grootmoeder naar de winkel, met de wagen en als chauffeur uiteraard.

    Mijn grootouders woonden “bachten de kupe” een streek in West Vlaanderen rond Diksmuide vol met lidtekens uit de eerste wereldoorlog. De wegen – daar kan moet moeite anderhalve wagen rijden.

    Min grootmoeder wist ook de weg, alle binnenwegen weliswaar. Ik heb ook peentjes gezweet.

    Toen we terug bij hen bij hen thuis aankwamen vroeg mijn grootvader gespannen aan mijn grootmoeder: “En?”. “Ewel ze kan goed rijden” diixt mijn grootmoeder.

    Een zalige herinnering.

  5. 5
    Klivia zegt:

    Mijn rijbewijs gehaald toen ik 23 was. En inmiddels zwanger van de vijfde.
    We hadden het niet erg breed die tijd, en ik heb over het behalen van mijn rijbewijs drie jaar gedaan. Ieder jaar met mijn verjaardag kreeg ik een lespakket ter waarde van 250 gulden. 10 lessen van 25 gulden was de welkomst aanbieding van de rijschool toendertijd. Ik ben drie keer van rijschool verandert om van die aanbieding gebruik te kunnen maken. Bij de laatste rijschool was het inmiddels al opgelopen naar 35 gulden.
    In de tussentijd heb ik wel “stiekem” gereden. Mijn examen haalde ik de eerste keer.
    En het rijbewijs zorgde voor een enorme opluchting en vrijheid.
    Tot nog toe geen grote schade’s gemaakt. En ik draai er mijn hand niet voor om , ik rij zo naar Zuid-Spanje of waar dan ook.

    Ben op moment even autoloos maar voor de zomer komt er weer een karretje.

    Leuk verhaal Ko!

  6. 6
    Luna 3 zegt:

    KO, IK WAS DIE EERLIJKE VINDER!!!
    Geef me je emailadres maar, dan mail ik je even mijn gironummer door! ;)

  7. 7
    Luna 3 zegt:

    Ow, en Netwerk, geef me even zo’n adres voor een lege; ik ben pas geleden gezakt!
    en Ko, inderdaad super leuk geschreven; Ik ben nou nog benieuwder naar het verhaal van Spanje met 4 knappe grieten en heel veel drank! ;)

  8. 8

    @Luna, als jij me het jaartal noemt en de datum… ;-) Realiseer je dan wel dat 300 harde Hollandse guldens nu pakweg 100 euro waard zijn.

  9. 9
    Luna 3 zegt:

    Nee, de vraag is; waar haal jij nog 300 gulden vandaan! Hehehe.

  10. 10
    frankpr zegt:

    Ko-stelijk verhaal !

RSS Feed for this entry

Geef commentaar