
Misschien stond je gisteren net als ik te kijken naar de intocht van St. Nicolaas. Wellicht is je daarbij iets opgevallen. Althans, als je ook een blik op het in groten getale toegestroomde publiek geworpen hebt. Mijn oog werd vooral getrokken naar de hulpsinterklazen (zie foto boven deze column). Die aanblik deed me terugdenken aan mijn eigen jeugd.
Hulpsinterklaas is een echt vak, vergelijkbaar met topsport. Wil je als hulpsinterklaas slagen dan moet je jong beginnen. Op latere leeftijd kun je proberen er nog iets van te maken maar de kans is uiterst gering dat je een professional wordt. Of je talent hebt blijkt onmiddellijk uit de keuze van je kleding. Laat ik daarbij gelijk de hand in eigen boezem steken. Ik ben slechts één keer in mijn leven hulpsinterklaas geweest. Ik kan me die verschutting tot op de dag van vandaag herinneren.
Ik zal een jaar of 11 geweest zijn. Wij vierden het feest van de goedheiligman bij mijn grootouders in Baarn. Hoe ik op het absurde idee gekomen ben om bij die gelegenheid mij te verkleden als Sinterklaas is een raadsel. In ieder geval was ik weken van te voren begonnen van etalagekarton en rood plakfluweel een mijter te knutselen. Dat kunstwerkje was gelukt. Lastiger werd de staf. Een gordijnroede en een potje goudverf bracht uitkomst. De krul was een probleem. Hoe maak je zoiets? Ik besloot goudkleurig karton te nemen. Met de ijzerzaag maakte ik een gleuf in de gordijnroede en schoof de kartonnen krul daarin. Met plakband zette ik de krul vast. In een feestartikelenwinkel kocht ik het materiaal voor de baard en de pruik. Tot zover kon ik mijn Sinterklaas outfit nog zelf maken. Nu had ik de hulp van mijn moeder nodig voor de rest.
Mijn moeder was erg handig met naald en draad maar ook een praktische vrouw die ’t liefst met pasklare oplossingen kwam. En zo kon het gebeuren dat mijn Sinterklaaskostuum was samengesteld uit een oude, witte onderjurk met een strook kant aan de onderkant en een oranje gordijn als mantel. Zie je het voor je? Nu woonden wij in Amsterdam. Mijn vader bezat geen rijbewijs. We gingen dus met de trein naar mijn grootouders in Baarn; vanzelfsprekend ik gekleed als Sinterklaas.
Mijn ouders hadden voor deze speciale gelegenheid kaartjes voor de eerste klas gekocht. Dat was luxe. Ik voelde me een voorname persoonlijkheid. In de coupé zat een oudere dame die me lachend aankeek. “Zo, knul. Wat zie jij er mooi uit. Je boft maar dat je moeder nog zo’n prachtige onderjurk bezat.” Ongetwijfeld goed bedoeld had ze mijn Sinterklaas imago onmiddellijk naar de Filistijnen geholpen. Dat was het begin van de ellende. Bij het verlaten van de trein bleef de krul van mijn staf achter het bagagerek hangen en scheurde af.
Het was een koude, regenachtige avond. Gelukkig hadden mijn ouders een taxi besteld. Die stond al op ons te wachten bij het station. Alles zou verder goed verlopen zijn ware het niet dat er een behoorlijke wind opstak. Nog voor ik mijn mijter kon afzetten om in de taxi plaats te nemen nam de wind bezit van mijn knutselwerk. Daar vloog mijn mooie mijter over het stationsplein om uitgerekend in een modderige plas water te belandden. Er was geen redden meer aan… Ondertussen had ik de grootste moeite mijn baard en pruik te behoeden voor eenzelfde lot.
Zonder mijter en met een gehavende staf kwamen we bij mijn grootouders aan. Het huilen stond mij nader dan het lachen. Wat een heerlijk avondje had moeten worden was voor mij het begin van een nachtmerrie. Mijn grootouders waren blij ons te zien. Ze speelden het spel zoals het gespeeld moet worden. Ik werd aangesproken met Sinterklaas en mocht in de grote oorstoel van mijn grootvader plaatsnemen. Dat gaf me weer een beetje zelfvertrouwen want die stoel was heilig. Toch hing er een vreemde spanning in het huis. Mijn grootouders deden zenuwachtig en dat was ik niet van ze gewend.
Na een uurtje werd er hard op de deur en de ramen gebonsd. Mijn grootvader stond op om zogenaamd te kijken wat er aan de hand was. Ik hoorde gestommel in de gang. De kamerdeur zwaaide open….. Daar stond de “echte” Sinterklaas! Zijn komst had de feestvreugde moeten vergroten maar voor mij was de lol er af. Bedremmeld stond ik op uit de stoel van grootvader. De Sint probeerde me nog met cadeautjes te paaien maar dat had geen effect. Hoe eerder hij opgerot was, hoe beter. Mijn spel was bedorven.
Ik moest hier dus aan terugdenken toen ik de beide jongetjes zag in hun uitmonstering van hulpsinterklaas. Het linker jongetje wordt niets. Feitelijk heeft hij dat zelf al in de gaten. Kijk naar zijn houding… Hij schaamt zich. Terecht. Die mijter kan er nog net mee door maar de mantel natuurlijk niet. Dat is een vod. En dan de schmink op zijn gezicht die een baard moet voorstellen. Nee, deze jongen zal het niet gaan maken. Maar dan het jochie op de schouders van zijn pa. Let op zijn vastberaden blik.
Van belang in dit vak is een goede begeleiding. De jongen links is aan zijn lot overgelaten. Bij het jochie rechts zie je dat zijn vader een geboren coach is. Hij zet de schouders onder de carrière van zijn zoon. Ik verdenk hem ervan zelf ook hulpsinterklaas te zijn. De mijter en de mantel zijn perfect. Oog voor detail zie je aan de handschoenen. Alleen die staf… Nu ja, er mogen nog wat beginnersfoutjes zijn. Ik mis nog een baard en pruik. Daar moet de komende jaren aan gewerkt gaan worden maar de start is veelbelovend. Deze jongen komt er wel.
Waar ik met deze column beslist voor wil waarschuwen is het vak van hulpsinterklaas niet te lichtvoetig te benaderen. Mocht je om welke reden dan ook een poging wagen: bezint eer ge begint. Het talent voor hulpsinterklaas moet verankerd in de genen zitten. Zo niet, dan raad ik je met klem aan deze opleiding te volgen.
Haha, leuk geschreven Ko!
Echt, Ko, ik zie het he-le-maal voor me. Wat een afgang moet dat zijn geweest…
@Actiefront, het was teven het sein voor me om toch maar geen acteur te worden.
Wat een mooi verhaal… Ja, en triest tegelijk (maar daar ben je vast weer sterker van geworden
)
)
(OOPS, daar komt een gelovige aan, ik klik snel op POST