Het zal de vaste bezoekers niet ontgaan zijn dat mijn weblog de laatste weken in het teken staat van de ontwikkelingen rond Katja Leendertz. Wat me daarbij trof was het verbod van moeder Marina aan dochter Katja om haar 92-jarige grootmoeder te zien. De grootmoeder woont op slechts enkele kilometers afstand van het huis waarin Katja de laatste jaren is opgegroeid. Paul vertelde op dit weblog hoe verdrietig zijn moeder is nu ze al vier jaar haar kleinkind niet heeft gezien. En hoe zal Katja het gemis van haar oma ervaren? Grootouders kunnen een belangrijke rol in je leven spelen. Bij mij was dat zeker het gaval.
Regelmatig haal ik op mijn weblog de vele uitspraken en wijsheden van mijn grootvader aan. Hoewel hij ruim dertig jaar geleden overleed, denk ik vaker aan hem dan aan mijn vader. Mijn vader was een zorgzame man met een groot, sociaal hart. Toch heb ik nooit een intense band met hem gehad. Die band had ik wel met mijn grootvader. Tot op de dag van vandaag voel ik me met hem verwant. We hadden veel met elkaar gemeen. Zelfs mijn levensloop komt gedeeltelijk met die van mijn grootvader overeen.
Mijn grootouders hebben een groot deel van hun leven in Amsterdam gewoond maar toen ik geboren werd hadden ze de stad achter zich gelaten. Ze kozen er voor hun oude dag in Baarn te slijten en kochten een huis met een grote tuin in een rustige buitenwijk van het dorp dat nog steeds geldt als het grootste bejaardenoord van Nederland. Ik woonde met mijn ouders destijds in het centrum van Amsterdam, vlakbij het drukke Leidseplein. Een dagje naar mijn grootouders in Baarn was genieten van de rust en de mooie, romantische tuin. Ik proef nog de door mijn grootvader gekweekte Hollandse aardbeien. De sfeer was onvergelijkbaar met de grote stad. Door dat enorme contrast zijn de herinneringen levendig gebleven.
Het huis van mijn grootouders was gebouwd aan het begin van de vorige eeuw. Het bezat nog een ouderwetse keuken waarin het met kolen en hout gestookte AGA-fornuis domineerde. Zo’n type fornuis dat tegenwoordig weer helemaal in is en een vermogen kost. In de winter werd het fornuis tevens als bijverwarming gebruikt. De begane grond bestond uit drie grote kamers waarvan twee werden gescheiden door deuren met glas in lood. In gedachten zie ik de schouw voor me met daarop de zwarte, antieke pendule. Boven de schouw een schilderij uit de Larense school voorstellende een schaapskooi met daarvoor de herder met zijn hond en schapen. Het zijn details die blijkbaar grote indruk op me hebben gemaakt.
De bovenverdieping hebben mijn grootouders slechts tijdelijk gebruikt. Mijn oma werd ziek en kon nog moeilijk trappen lopen. Ze besloten de voorkamer op de begane grond als slaapkamer in te richten. De voormalige bijkeuken werd tot badkamer omgebouwd. Het huis stond dus gedeeltelijk leeg. Maar dat maakte een verblijf extra spannend. Als ik er op bezoek met mijn ouders was, dan mocht ik in de lege kamers spelen. Ik herinner me nog goed de houten vloeren en de balkonplafonds. Een neef van me had een van de kamers in gebruik om er modelvliegtuigjes te bouwen; zijn grote hobby. Het kleinste kamertje werd ingericht tot logeervertrek. Ik denk dat ik de leeftijd van Katja heb gehad toen ik er voor het eerst mocht slapen. De wanden van deze kamer waren bekleed met dat ouderwetse, Franse leliebehang. Op de vloer lag een Perzisch tapijt.
Logeren bij mijn grootouders was een belevenis. Dat begon al bij aankomst op het nostalgische station van Baarn waar ik door mijn grootvader van de trein werd opgehaald. Dan wandelde ik aan zijn hand door het dorp waar iedereen hem kende. Hij wees me op de villa’s met hun historie, liet me standbeelden zien en vertelde daar iets over. Eigenlijk begon het feest al eerder als ik met mijn koffertje door mijn moeder in Amsterdam op de trein werd gezet. De conducteur werd dan gevraagd op mij te letten zodat ik tijdig in Baarn zou uitstappen. Slechts één keer ging dat fout toen de machinist vergat te stoppen. Ik raakte helemaal in paniek. Bij Den Dolder kreeg de machinist zijn vergissing door. Dit soort dingen zijn nu onvoorstelbaar.
Toen mijn grootmoeder na een lang ziekbed overleed, ging mijn grootvader niet bij de pakken neerzitten. Hij bezat een grote kennissenkring waarvoor hij allerhande klussen ging doen en ik mocht met hem mee. Mijn grootvader was een autodidact die zichzelf veel had aangeleerd. Hij was ook van alle markten thuis, communicatief zeer vaardig en tevens creatief in het oplossen van problemen. Gevleugelde uitspraak: “Wat je ogen zien dat kunnen je handen maken!” Of deze: “Kan niet is dood, wil niet ligt op het kerkhof.”
Ondanks de vele tegenslagen wist mijn grootvader altijd weer een weg te vinden om op te krabbelen en door te gaan. Hij werd geboren in Amsterdam. Zijn vader was rentmeester en beheerde een statig pand met bijhorende stallen aan de Overtoom. Gelijktijdig was hij het hoofd van de huishoudelijke dienst. Zo ontmoette mijn grootvader mijn oma, een dienstmeisje waar hij verliefd op werd. Zij was acht jaar ouder dan mijn grootvader en kwam uit een goede familie die door omstandigheden financieel aan lager wal was geraakt. Mijn grootvader trouwde haar en samen verhuisden ze naar een dorp in Gelderland waar mijn grootvader in de voetsporen van mijn overgrootvader trad. Ook hij werd rentmeester van een landgoed. Op dat landgoed werd mijn moeder geboren.
De crisisjaren maakten een einde aan het luxe leven van landgoedeigenaar. Het personeel werd ontslagen en het landgoed verkocht. Mijn grootouders hadden inmiddels drie kinderen en stonden met hun gezin op straat waarop ze besloten terug naar Amsterdam te gaan. Daar kon mijn grootvader een baantje krijgen in een garagebedrijf als autopoetser. Hij werkte zich op tot automonteur, werkplaatschef en uiteindelijk tot verkoopdirecteur. De stap om voor zichzelf te beginnen durfde hij helaas niet aan. Een hartinfarct maakte een einde aan zijn carrière. Door te stoppen met roken en elke dag twee glaasjes wijn te drinken haalde hij toch nog de respectabele leeftijd van 86 jaar.
Mijn grootvader is voor mij vooral belangrijk geweest in mijn tienerjaren. Ik logeerde dikwijls bij hem en ging vaak met hem op stap. Hij leerde me knutselen aan auto’s, radio’s bouwen en repareren maar ook genieten van de natuur en cultuur. Ik bezocht met mijn grootvader zelfs musea want ook van kunst had hij verstand. Als ik terugkijk op mijn jeugd dan is mijn grootvader zeer belangrijk voor mijn ontwikkeling geweest. Pas nu ik dit zit te schrijven besef ik zijn enorme invloed. Toen het met zijn gezondheid wat minder ging begon mijn grootvader te schrijven. Honderden brieven verstuurde hij aan mijn moeder, mijn ooms maar ook aan mij. Brieven met raadgevingen en nuttige tips. Een deel heb ik bewaard.
Niet iedereen zal het geluk hebben gehad een bijzondere band met grootouders op te kunnen bouwen. Kijk ik naar mijn grootvader van mijn vaderskant dan is dat iemand geweest die geen rol van betekenis in mijn leven heeft gespeeld. De moeder van mijn vader overleed ver voor mijn geboorte dus die heb ik nooit gekend. Mijn andere grootmoeder heeft wel iets voor mij betekend maar overleed toen ik 11 jaar was. Ik herinner haar vooral als de vrouw van mijn grootvader. Een lief mens met heel lang haar die door haar zwakke gezondheid niet zo veel meer kon ondernemen.
Ik schets hier het beeld van mijn grootvader in de notendop. Over hem zou ik vele columns kunnen schrijven. Daar zitten mijn lezers niet op te wachten. Wat ik probeer aan te geven is dat mijn grootvader iets invulde dat mijn eigen vader niet kon. Mijn grootvader was opvoeder maar ook mijn beste vriend. Met hem kon ik alles delen. Hij is voor mij van onschatbare waarde geweest. Van hem heb ik de overlevingskunst, mijn technische knobbel en de creativiteit geërfd. Mijn veelzijdigheid heb ik ongetwijfeld aan hem te danken.
Je kinderen weghouden bij hun oma of opa omdat je in onmin met de vader leeft is misdadig. En als de grootouders eenmaal zijn overleden ook nooit meer goed te maken.
Ko,
Een beter gelijjk kan je niet krijgen, weg is weg in het aardse bestaan !!!
Het gemis kan soms nog steeds heel groot zijn, maar doordat je aan hem denk raak je hem niet en nooit kwijt.
Gebruik dat wat je van je grootouders geleerd heb en geef dit als het kan door.
Zo gaat niets verloren.
Ko,
Je schrijft:
`Daar zitten mijn lezers niet op te wachten.`
Deze lezer wel Ko! Je schrijft authentiek heerlijk om te lezen!
Wat een prachtige herinneringen aan een bijzondere grootvader! Kan me voorstellen dat dat je niet verlaat, zeer kostbaar.
Opa van vaders kant heb ik nooit gekend, hij was al overleden voor mn geboorte. Jammer, maar heb hem niet gemist. Oma was een enig wijfie, een echte hittepetit, aan haar heb ik vooral grappige herinneringen.
Van moeders kant, tijdens jeugd een aantal jaren niet gezien. Opa was ( in mijn beleving) een rustige ,lieve zachte man. heeft gewerkt tot ver in de 80! Hij was antiek restaurateur en heel handig en creatief. Een bijzondere opa! Oma was een wat koelere, afstandelijke vrouw, had daar niet zo’n band mee.
Wat Katja betreft: Nu zij in de U.S woont zal zij haar oma wel helemaal nooit meer zien, dat kan jammer zijn idd. Maar wij weten niet in hoeverre dat een gemis voor haar is/zal zijn. Wij kennen de band niet.
Maar ben het zeker met je eens, grootouders KUNNEN zeer waardevol zijn!
Wat een heerlijk herkenbaar verhaal, zeker voor mij omdat ik bij mijn grootvader ben opgegroeid. Hij was koekenbakker met hart en ziel. Als ik weer iets uitgehaald had moppelde hij tegen mij “jij bliksemse drommel”. Verder heb ik nooit een onvertogen woord uit zijn mond vernomen. Op zijn 73e jaar werd hij uitgenodigd om een nieuwe fabriek op te zetten, wat hij met plezier gedaan heeft. Ik mocht met hem mee, naar het museum van Volkenkunde maar eerst hadden we dan even de basiliek aangedaan , met het veer over de Maas en als beloning kreeg ik dan een ijsje.
Ik heb zoveel goede herinneringen aan hem, (ook zo’n voorbeeld) bepaalt voor een deel mijn manbeeld.
@Frankpr, dank je wel voor het compliment.
Misschien zou je er eens een boek over kunnen schrijven?
Kan interessant zijn…….Sluit me aan bij frankpr.
Wat mij betreft graag, vertel verder.
Ik vind het ook mooi om te lezen Ko en het interesseert me zeker wel!
Opa van vaders kant heb ik nooit gekend, want die is overleden, toen mijn vader 10 jaar was. Wat heeft mijn vader hem altijd gemist!!!
Oma van vaderskant herinner ik me alleen nog maar het gerochel op haar doodsbed.
Opa van moeders kant vond ik een hele enge, nare man, waar ik bang voor was.
Oma van moeders kant wilde niets met mij te maken hebben, het waarom is een goed bewaard famile-geheim, want mijn zussen en broertje waren wel welkom.
Niet dat zij een warme band met die oma hebben opgebouwd, ze mochten in ieder geval binnen komen…
Wat voor mij in mijn leven bijzonder was en is, is de band, die ik met mijn vader heb gehad. Ik weet niet beter, dan dat het mijn vader was, die voor mij zorgde en voor mij op kwam.
Ook hij had die uitspraak: “Kan niet is dood, wil niet ligt op het kerkhof.”
Soms kan ik hem nog steeds missen, hoewel hij nu al 18 jaar dood is.
Toen hij 50 jaar werd, kreeg ik van hem een portretfoto: hier kun je later nog eens aan de oude brombeer terugdenken. Deze foto staat al jaren bovenop mijn bureau!
Hij had ook grapjes: zoals bv op zondagochtend om je uit bed te krijgen: wakker worden, ik heb heel bijzondere thee gemaakt. Ja tuurlijk, nee echt, dit wil je niet missen. Wat dan? Sliertjesthee en hij bleef dan net zo lang aanhouden tot ik nieuwsgierig werd. Du-uh, de theepot van heel hoog in het kopje schenken…:D
Of het zondagochtend-ontbijt, de enige dag, dat we rustig rond de tafel zaten met veel verhalen. We kregen dan altijd een eitje bij het ontbijt en altijd vroeg hij aan iedereen de eierschillen, want hij kon eieren leggen…
We kletsten door tot iedereen het weer vergeten was, als mijn vader opeens begon te kukelen, want hij had een ei gelegd. Het was zelfs warm….
Op een gegeven moment ken je het grapje, maar het raakte zijn charme niet kwijt.
Was mijn vader een brave man, zeer zeker niet!
Hij was voor mij vooral mens. Toen ik ouder werd, heb ik veel gesprekken met hem gehad over allerlei dingen. Ik noemde hem in die tijd een boek wat je achterstevoren moest lezen en dan grinnikte hij.
Ik ben heel dankbaar, dat hij mij als eerste heeft laten roepen op zijn sterfbed.
We hebben nog wat nachtelijke gesprekken gevoerd, want hij wist dat zijn einde nabij was.
Ik ga niet te diep in op het echte einde, maar ik heb aan de verpleging gevraagd of ze hem morfine wilde geven. Uiteraard is dit in overleg gegaan met verpleging en artsen, maar hij heeft het gekregen, waarna hij in coma raakte….
Die nacht ben ik bij hem blijven zitten, maar de volgende ochtend kon ik niet anders dan vertrekken. Ik kon niet langer meer met mijn moeder in dezelfde kamer zitten, die hem zat uit te lachen: boontje komt om zijn loontje….
Als je het dan hebt over het paranormale: op een gegeven moment werd er een zak vocht gewisseld, waarop 4 oktober stond en ik wist toen heel helder, dat wordt zijn sterfdag. Hij is ook op die dag overleden, zijn naamdag…
Toen ik die dag mijn vader achter liet in het ziekenhuis, kon ik maar heel moeilijk vertrekken, een soort schuldgevoel om hem daar achter te laten bij de hyena’s.
Ik heb zitten huilen op een bankje voor het ziekenhuis en opeens hoorde ik de stem van mijn vader heel helder in mijn hoofd. Ga hier weg, ga naar huis, ik ben hier niet meer. Het was alsof er voor de laatste keer een warme arm om mij heen gelegd werd, het was goed zo…..
Ik kijk even omhoog naar de foto van mijn vader en hij glimlacht…
Met mijn moeder is het nog slechter afgelopen, want ze werd dementerend en kreeg de meest afschuwelijke vorm van kanker. Vulva-kanker, Zelf zou ik haar hebben willen laten versterven, maar haar andere kinderen beslisten anders, ze is eraan geopereerd en eraan dood gegaan.
Toch had ik kort na haar dood een droom, mijn ouders hadden elkaar gevonden en waren nu eindelijk gelukkig….
Vader, moeder, opa, oma, maar ik heb ook iemand leren kennen via Slachtofferhulp.
Als ik aan haar denk, komt er eveneens een glimlach op mijn gezicht.
Ze was ruim in de 90, toen een tasjesdief haar tasje probeerde af te pakken, is hem niet gelukt, maar ze was wel geschrokken.
De eerste keer, dat ik bij haar op huisbezoek kwam: Kind vind je het nodig, maar ze vond het toch wel gezellig, dus ik mocht terugkomen, waarna er een vriendschap ontstond. Ook na mijn werk bij Slachtofferhulp bleef ik bij haar komen.
Ze was goed bij de tijd en ik heb al haar levens geheimen gehoord, maar ze had ook een ongelofelijke humor.
Op een dag kreeg ik een kaartje of ik weer eens langs wilde komen, het raakte me en ben ook meteen gegaan.
Op een of andere manier wisten we beiden, dat het de laatste keer zou zijn…
Geld of goederen zijn nooit te pas gekomen in ons contact, maar die dag gaf ze me 10 gulden. Het voelde als onfatsoenlijk om te weigeren, maar ik heb het nooit uitgegeven, maar bewaard als herinnering aan een bijzonder sterke vrouw!
Is dit het einde, Nee, kort daarop kreeg ik onverklaarbare pijnen in mijn hele lijf, kroop zowat over de grond van de pijn….
Het heeft een dag of 2, 3 aangehouden en was net zo plotseling verdwenen als het gekomen was. Bizar!
Tot ik het overlijdenskaartje kreeg van haar dood.
Ik ben naar de begrafenis geweest en hoorde, dat ze de dagen voor haar dood enorm had lopen sjouwen in haar appartementje tot ze er zowat bij neerviel van de pijn.
Er viel een kwartje…
Maar tijdens de begrafenis besefte ik ook, wat ik voor haar betekend heb. Niemand van haar familie wist iets van haar liefdes, pijn en teleurstellingen in haar leven.
Mij had ze alles verteld….
Het lijkt allemaal heel verdrietig, toch heb ik het gevoel, dat ik me kan optrekken aan mensen als mijn vader en juffrouw K.
Niemand is volmaakt, maar sommige mensen voelen bijzonder…
Groetjes Jali
Mooi verhaal hoor. Erg herkenbaar
Ko, het is welgemeend!
Ik moest aan een oud muziekje denken van Leen Jongewaard en Hettie Blok
@Frankpr, die past er inderdaad mooi bij. Toch komt deze van Wim dichter in de buurt van mijn herinneringen als voor de vader mijn opa invult:
Prachtig die Sonneveld, echte groots in zijn kleinkunst.