
De sinds mei 2000 vermiste Sneker ondernemer 39 jarige Robert Zondervan is gisteren gevonden. Bij baggerwerkzaamheden tussen Oude Schouw en Terherne werd een lijk opgehaald en dit blijkt het stoffelijk overschot te zijn van de in Joure woonachtige zakenman zijn. Een helderziende had in 2000 datzelfde gebied aangewezen als plaats waar het lichaam van de zakenman zou liggen. Daarop is onderzoek uitgevoerd maar Zondervan werd toen niet gevonden.
Robertus Zondervan verliet op 16 mei 2000 zijn woning om een inbraakalarm in zijn apparatenfabriek op te volgen. Zijn geld, pasjes en papieren had hij thuis gelaten. Hij keerde niet meer terug. Ook van zijn auto ontbrak elk spoor. De vraag die nu nog moet worden beantwoord is: zelfmoord of een ongeluk? De fabriek van Zondervan verkeerde in grote financiële problemen en is vlak na zijn vermissing failliet gegaan.
Helaas kan ik niet traceren wie die helderziende is geweest (tips zijn welkom) maar het bovenstaand verhaal doet me onmiddellijk terugdenken aan een soortgelijk geval dat ik al eens eerder beschreef in mijn column: “Zin en onzin van zieners.” Ik schreef toen: Op een kwade dag verdween in een Fries dorpje de dominee. De auto van de geestelijke werd gevonden aan de rand van een gracht. Een misdrijf lag niet voor de hand. Zou de dominee misschien zijn uitgegleden en in het water terecht zijn gekomen? De gracht was ondiep. Ook zonder de zwemkunst machtig te zijn had hij op de kant kunnen klimmen. Niet verwonderlijk dat duikers geen spoor van de dominee vonden.
Een politieman schakelde een helderziende in. Hij verklaarde dat de dominee wel degelijk in deze gracht lag. Een hartaanval was de oorzaak van een val in het water. Het zou moeite kosten om het lijk te vinden. De ondergrondse stroming en slib zouden het lichaam van de dominee hebben meegevoerd. De Politie vond de verklaring niet voldoende om een verdere zoektocht te rechtvaardigen. De helderziende was niet in staat om de juiste plek aan te geven. Een van de redenen om niet verder te dreggen was die zogenaamde stroming. Die stroming was op ‘t oog niet waar te nemen.
Een halfjaar na de vermissing besloot de gemeente het slib uit de gracht te laten verwijderen. Een onderhoudsklus die niets met deze verdwenen dominee te maken had. Tot grote schrik van de baggeraars werd het lijk van de dominee uit het slip gevist. De vindplaats enkele honderden meters verder dan waar zijn auto had gestaan. De dikke laag slip had het lichaam vastgehouden. De ondergrondse stroming, waarover de helderziende sprak, bleek wel degelijk te bestaan. Voor zover het NFI de doodsoorzaak nog kon vaststellen was hij zo goed als zeker een natuurlijke dood gestorven. Dit voorval was voor de politieman aanleiding om tips van helderzienden serieus te behandelen.
De politie krijgt honderden tips van zogenaamde paragnosten. Dat maakt het moeilijk om kaf en koren te scheiden. Er zijn echter paragnosten waarvan bij justitie bekend is dat ze hoog scoren. Die worden vaker ingeschakeld dan je in de pers verneemt. Maar ook al hebben ze de vindplaats goed dan nog wordt de zoektocht bemoeilijkt door factoren die een paragnost niet altijd kan overzien. Neem de hier genoemde stromingen als voorbeeld. Ik zou een lijstje kunnen opmaken van juiste readingen waarbij de vindplaats enkele honderden meters afweek van de door de paragnost aangewezen plek. Hoever moet je dan gaan met speuren? Dat is een lastige afweging voor autoriteiten.
Met dank aan Ruud voor de tip.

Tja ….